Wat Charles D’Ambrosio ons leert over het schrijfproces

Dit is een gastpost van San Bos. Deel 4 in een serie lessen van Charles D’Ambrosio naar aanleiding zijn zojuist verschenen bundel Het dodevissenmuseum (inkijkexemplaar Bol).

San Bos: Hoe ziet uw schrijfproces eruit? Schrijft u al direct met de beperking die een kort verhaal zo nodig heeft of schrapt u veel? Heeft u de plot al voordat u het einde schrijft?

Charles D’Ambrosio

Ik adviseer mensen het proces te leren kennen dat ze het beste ligt. Korte verhalen hebben compressie en verdichting nodig: wat je schrapt of eruit laat is cruciaal maar dat betekent niet dat een verhaal meteen zo compact geschreven wordt. Mijn eigen schrijfproces is rommelig en chaotisch. Ik ben iemand die gigantisch veel schrijft. Ik schrijf bladzijde na bladzijde, strevend naar raaklijnen, zinnen inpassend en karakters verkennend die er uiteindelijk weer uit gaan, verhaallijnen onderzoekend, ontwikkelingen doormakend die tot mijn ontzetting later tot niets leiden.
Ik probeer de wereld te ontdekken door het schrijven, gebruik makend van ongelukjes, inspiraties, voorgevoelens en vage vermoedens. Meestal werk ik blind, in het duister, met geen helder idee waar het heen moet. Of het überhaupt wel ergens heen gaat weet ik dan nog niet.
Maar dat is oké, ik vertrouw het proces, ik probeer niet gek te worden en ik doe de nodige ontdekkingen onderweg. Het is een reis en ik accepteer dat.

Het is niet iedereen zijn manier, ik heb vrienden die elke zin in steen beitelen voordat ze naar de volgende, paragraaf gaan, een afgewerkt monument bouwend, van blok naar blok tot het machtige bouwwerk voltooid is.
Dat past bij hen, jouw manier is misschien anders en het cruciale is om vertrouwen te hebben in je eigen kracht, je eigen pad. Je raakt op een moment zeker de weg kwijt, en als je verdwaald bent moet je in je eigen proces geloven en dat boven alles vertrouwen.

Ik weet nooit hoe het eindigt. In feite wil ik dat ook niet weten. Als het idee voor het verhaal-einde te vroeg in het proces bij mij opkomt, dan is het een verkeerd eind, dan is het gewoon een slimmigheidje, een simpel idee. Ik hou ervan van moment tot moment in het duister te tasten, omdat alleen dan het schrijven me verrast en dat geldt in het bijzonder voor eindes, ik wil er door verrast worden, ingehaald en overrompeld. Als de schrijver verrast is, zal de lezer dat zeker ook zijn.

Gerelateerde posts over het schrijfproces:

Meer lessen van Charles D’Ambrosio:

En jij?
Wat vind je van deze tips van Charles D’Ambrosio? Kun je ze toepassen in je eigen proces? Of misschien deed je dat al voordat je deze post las? Ken je zijn bundel Het dodevissenmuseum?

4 gedachten over “Wat Charles D’Ambrosio ons leert over het schrijfproces

  1. Kurt

    De opmerking van Jan Brokken* dat je nooit aan een verhaal moet beginnen als de laatste scène je niet scherp voor ogen staat, heeft mij goed geholpen in mijn pogingen om een verhaal te schrijven. Sinds ik de verhaallijn en vooral de laatste scène vooraf ontwerp gaat het schrijven veel vlotter. Er is dan richting en doel. Ik heb niet het gevoel dat deze werkwijze het schrijven tot een invuloefening maakt. Integendeel, ik blijf nieuwsgierig naar de manier waarop ik het verhaal concreet invulling zal geven.
    *Jan Brokken: De wil en de weg, Uitgeverij Augustus

  2. Jolka

    Mijn verhalen lopen soms heel anders af dan ik in eerste instantie in het hoofd had. Dat doe ik meestal niet bewust; het verhaal loopt vanzelf en er komt een logischer einde aan dan eerst de bedoeling was. Omdat het zo hoorde te zijn.

    1. Ton Rozeman

      Dat heb ik nou ook, Jolka. Vaak gebeurt dat vanzelf. Soms ook omdat iemand anders vragen stelt over het verhaal. Mijn uitgeefster bijvoorbeeld vroeg waarom de vader een rol speelt aan het einde van mijn roman in wording (Een meisje nog). Toen ik daarover ging nadenken, leek het me beter dat die vader geen rol meer had. Nu laat ik eerder in het boek weten dat hij is overleden. Dat klopt veel beter bij wat ik me het boek wil overbrengen.

Reacties plaatsen niet mogelijk.