De geheime kracht van botsende verhaallagen

Creatief werken met verhaallagen, helpt je zowel je verhaal te beperken als het suggestiever te maken. Het voorkomt dat je verhaal saai wordt, en draagt bij aan het drama. Je kunt het meteen toepassen als je je eerste verhaal schrijft, maar ook als je er al heel wat op je naam hebt staan. Het is iets waar ik zelf bij het schrijven terdege rekening mee houd.

Welke lagen er zijn
Laten we eerst kijken welke verhaallagen er zijn:

  • werkelijkheiddat wat zich objectief voordoet. De zon schijnt. Een auto rijdt tegen een boom.
  • waarnemingwat zintuigen registreren. Ik heb het warm. Ik zie een auto tegen een boom rijden (of ik voel de klap als ik in die auto zit).
  • interpretatiewat iemand denkt dat er gebeurt. Ik denk dat ik het warm heb vanwege de zon. Ik realiseer me dat er een ernstig ongeluk is gebeurd.
  • dialoogwat iemand zegt. Ik vraag aan mijn vriendin of ze het ook zo warm heeft. Ik roep om hulp.
  • handelenwat iemand doet. Ik trek mijn t-shirt uit. Ik bel 112.

Hoe saai het literair is als je geen verschil tussen de lagen aanbrengt
Stel je voor: Er is een brand in mijn woonkamer (werkelijkheid). Ik zie dat er brand is (waarneming). Ik vind dat gevaarlijk (interpretatie). Ik bel de brandweer (handeling) en ik zeg dat er brand is en waar ik woon (dialoog). Het feit dat er brand is, kan spannend zijn. Maar deze uitwerking is dat literair gezien zeker niet. Het is één-op-één, voorspelbaar, saai. Als de lezer één laag kent, kent hij ze allemaal.

Gelijke verhaallagen schrappen
In het bovenstaande voorbeeld van de brand kun je verhaallagen schrappen. Zo kun je de beschrijving van de werkelijkheid en ook de interpretatie weglaten; de waarneming volstaat. De handeling en de dialoog kun je zeer kort houden.

Wat je wint als je wel verschil aanbrengt
Maar in plaats van gelijke verhaallagen schrappen, kun je ook verschil aanbrengen tussen de lagen. Stel je voor: nogmaals is er brand (werkelijkheid), maar nu met een paar wezenlijke verschillen. Ik zie vlammen (waarneming), maar ik heb iets te veel geblowd en denk dat het een open haard is (interpretatie). Ik ga er dichterbij zitten omdat ik het koud heb (handelen) en als een vriendin me toevallig belt, verzwijg ik de open haard (dialoog), omdat ik denk dat ze het toch niet zal geloven. Intussen staat de kamer in lichterlaaie, verbrand ik mijn hand, en weet ik niet hoe ik mijn vriendin moet vertellen dat mijn hand pijn doet terwijl ik de open haard blijf verzwijgen.
Zie je hoe een verschil tussen interpretatie en werkelijkheid het verhaal spannend maakt?
En ook hoe de dialoog boeiend wordt door zowel de werkelijkheid als de interpretatie te ontkennen?

Ook tragisch in te zetten
Misschien doet het vorige voorbeeld vermoeden dat je alleen in absurde situaties met verschillen kunt werken. Maar niets is minder waar. Ook in tragische verhalen werkt het wonderwel. Of sterker nog: het verschil maakt je verhalen tragisch.
Dit keer gaan we uit van een zeventigjarige vrouw die haar man heeft verloren. De man was ernstig ziek, ze heeft hem een paar jaar intensief verzorgd. Na zijn overlijden voelt ze opluchting dat ze allebei van het ziekbed verlost zijn (een gevoel dat er in werkelijkheid is). Ze is zich bewust van die opluchting (waarneming) en aanvaart die voor zichzelf (interpretatie). Maar omdat ze bang is haar twee dochters daarmee te kwetsen, vertelt ze hun dat ze het moeilijk heeft met het verlies, dat ze ’s nachts wakker ligt, en nauwelijks nog eet (dialoog). Om haar woorden kracht bij te zetten wil ze vermageren door minder te eten (handelen). Ze woog toch al niet veel, en als ze tien kilo is afgevallen, adviseren haar dochters haar met klem om naar een lotgenotengroep te gaan, en die raad volgt ze op (ook weer: handelen). Ook hier zorgen botsende verhaallagen voor spanning, die dit keer zeker tragisch is te noemen.

Voor de fijnproevers
Overigens is er steeds een andere mogelijkheid dan ja of nee, en dat is dat de verhaallaag iets in het midden laat. Bijvoorbeeld: het is onbekend of er een brand is (onbekende werkelijkheid). Ander voorbeeld: de zeventigjarige vrouw zegt de ene keer tegen haar dochters dat ze het moeilijk heeft, de andere keer dat het meevalt (onbekend wat ze nou echt wil communiceren). Of de vrouw geeft zich wel op voor de lotgenotengroep, maar gaat er niet naartoe (tegenstrijdige handelingen).

Door het schrappen van gelijke lagen, maak je je verhaal korter. Door verschil aan te brengen in verhaallagen (en ook: bínnen verhaallagen) maak je je verhaal spannender.

Nu jij
Mijn vraag aan jou: Is dit iets waar je je bij het schrijven al bewust van was? En als dit nieuw voor je is, denk je het te gaan toepassen? Deel hieronder je ervaring! Jouw feedback helpt me dit blog en het boek vorm te geven.

20 gedachten over “De geheime kracht van botsende verhaallagen

  1. Joost van Hoek

    Beste Ton,

    Helder blog is dit weer.

    Ik had zelf altijd in mijn hoofd dat er een causaal verband moet zijn tussen handelingen in een verhaal. Dit kan je echter ook in een kramp laten schieten doordat alles moet kloppen. Die causaliteit is wel belangrijk, maar wil niet zeggen dat alles logisch (en dus saai) hoeft te zijn. Ik probeer nu af en toe op zoek te gaan naar a-typische handelingen of waarnemingen. Je hoeft er eigenlijk maar eentje te hebben (een rare waarneming in jouw voorbeeld) en als je binnen die logica doordenkt heb je al een spannend verhaal. Een lezer met een “normale” waarneming ziet dit vanaf het begin mis gaan en daarmee is het al snel spannend.

  2. Marieke

    Helder. Wat een heerlijk begrijpelijke uitleg! Dankjewel.
    Ik ga dit zeker onderdeel laten uitmaken van het herschrijven, en bij het verder schrijven probeer ik het af en toe te gebruiken (als daarvoor ruimte is in mijn bolletje). Gisteren is me dat al gedeeltelijk gelukt. Vanavond weer een stukje.
    Tot over twee weken!

    Marieke

  3. Ishana

    Beste Ton,

    Je schrijft hier over communicatieve verhaallagen (werkelijkheid, interpreteren, handelen etc.). Heel boeiend. Zo heb ik het nog niet bekeken. Een goed tip dus om gelijke verhaallagen te schrappen of te wijzigen. Dat is iets heel anders dan het inzetten van verhaallijnen om je verhaal meer diepte en spanning te geven.

    Groeten, Ishana

    1. Ton Rozeman

      Fijn dat je er iets aan hebt, Ishana! En op mijn beurt heb ik er iets aan dat je het benoemt als communicatieve verhaallagen – handige toevoeging voor het schrijfboek dat in de maak is. Een groet van Ton.

  4. Astrid Rijff

    Ik denk dat ik het intuïtief toepas. Om een voorbeeld te geven. Deze week schreef ik een alinea va mijn nieuwe roman. De hoofdpersoon(A), die een aantal maanden haar enige broer heeft verloren en overal met de pet naar gooit, is op het matje geroepen door haar werkgever(B). Ze zit tegenover haar op haar kantoor. B is aan het woord. Ze heeft begrip voor de situatie, voelt mee met haar verdriet, maar eist nu ook dat A beslissingen neemt over har toekomst bij het bedrijf. Maar A is afgeleid door het geluid van stromend water dat ze ergens hoort lopen. Ik volg haar gedachten hierover, haar fascinatie én haar conclusie dat ze die joint die ze even vóór het gesprek heeft gerookt, beter niet had kunnen nemen.
    Maar wat ik er eigenlijk mee vertel aan de lezer, is dat A niet geïnteresseerd is in wat B te vertellen heeft of het in ieder geval niet wil horen. Ze kan de confrontatie niet aan met de werkelijkheid.

    Ik kom daar pas achter als ik het al geschreven heb en het terug lees.

    Overigens ben ik erg blij met je site Ton. Het geeft me behalve gereedschap ook inspiratie.

    1. Ton Rozeman

      Beste Astrid, Soms zie ik ook pas achteraf wat ik écht geschreven heb, wat de kracht is van wat er staat. Dan kan ik met een nieuwe blik naar m’n tekst kijken, en eraan schaven. Wellicht is dat één van de kwaliteiten van een schrijver: dat hij of zij kan zien wat er staat, en waaraan dus gewerkt moet worden. Fijn dat het blog je inspireert. Ook voor het blog geldt dat het gaandeweg tot stand komt, dat ik al bloggend ontdek wat de echte richting ervan is.

  5. Schlimazlnik

    Ik vraag me af in hoeverre de genoemde lagen niet samenhangen met het vertelperspectief. Bijvoorbeeld waarneming en interpretatie: hoe die ingevuld worden is daar sterk van afhankelijk. Is het vertelperspectief vanuit de hoofdpersoon? Of juist niet? En als het vanuit een blowende hoofdpersoon is, wat is werkelijkheid dan nog waard?
    Een afwisseling van de lagen kan interessant zijn, maar moet er niet toe leiden dat het vertelperspectief zijn focus kwijtraakt.

    Er komt nog iets bij, en dat is het verschil in waarneming en interpretatie van de schrijver en de lezer. De schrijver heeft al een bril op bij het bekijken van de werkelijkheid (al is het een fictieve werkelijkheid), maar die zou je af moeten zetten als je met personages aan de slag gaat. Om de bril van de lezer af te zetten, is een goede beschrijving nodig van de verschillende lagen die je gebruikt, als je verzuimt om iets over het blowen te zeggen in het verhaal (al is het maar op het einde) dan is het voor de lezer niet mogelijk een interpretatie van de fictieve werkelijkheid te maken: het verhaal is verwarrend, niet boeiend.

    Ook lijkt me dit niet specifiek iets voor korte verhalen: het geldt net zo goed in romans. Het verschil is dat er in een kort verhaal niet de ruimte is om gedetailleerd alle lagen per gebeurtenis te raken, en ook niet de ruimte om de bril van de lezer af te zetten.

    1. Ton Rozeman

      Schilmazlnik, je vroeg of de lagen samenhangen met het vertelperspectief. Mijn ervaring is dat de verhaallagen bij elk perspectief zijn te gebruiken. En wat je vraag betreft over het belang van de werkelijkheid bij de blowende hoofdpersoon: de werkelijkheid is dat de kamer in brand staat, niet onbelangrijk 🙂

      1. Schlimazlnik

        Ik doelde er meer op het volgende:

        waarneming 1: Ik heb het warm.
        waarneming 2: Jan had het warm.

        interpretatie 1: Ik denk dat ik het warm heb vanwege de zon. (geen andere interpretatie mogelijk door het perspectief)
        interpretatie 2: Jan dacht dat hij het warm had vanwege de zon. (suggererend perspectief: Jan kan dat wel denken, maar klopt dat ook?)
        interpretatie 3: Het leek me of Jan het warm had vanwege de zon. (interpretatie van een derde, die niet hoeft samen te vallen met de interpretatie van Jan, de schrijver of de lezer). Het heeft ook met de waarneming te maken: deze observatie kan alleen gemaakt worden als het beperkende vertelpersectief niet bij Jan ligt.
        interpretatie 4: Hoewel het leek of Jan het warm had vanwege de zon… Een verteller die blijkbaar meer weet dan iemand die e.e.a. observeert.
        interpretatie 5: Je hoeft me niets te vertellen: je had het warm vanwege de zon. Er is een ander persoonlijk perspectief dan Jan dat (schijnbaar) de gedachten van Jan kan lezen.

        1. Ton Rozeman

          Klopt, afhankelijk van het perspectief kun je de verhaallagen divers interpreteren. Mieke Bal schreef daar een academische verhandeling over: ‘De theorie van vertellen en verhalen’ (inleiding in de narratologie).

  6. Eus Wijnhoven

    Meestal schrijf ik intuïtief, en dat wil ik ook zo houden. De verhalen die ik in een vloek en een zucht heb geschreven, zijn meestal beter dan de weloverwogen stukken. In die zin is Granit (novelle van Adalbert Stifter) gevolgd door Die Pechbrenner een wijze les: het betreft dezelfde novelle, maar Die Pechbrenner was de eerste versie en Granit de versie die uiteindelijk in 1853 is verschenen. Als je ze na elkaar leest (ze zijn in een bandje gebundeld) merk je dat Die Pechbrenner spontaner is, natuurlijker overkomt.
    Jouw blog vind ik bijzonder nuttig, juist om de spontaan ontstane verhalen te screenen. Ga a.u.b. door, want ik denk dat je hier velen mee helpt!

  7. Sione van Meerendonk

    Beste Ton, ik denk dat ik dit bij het schrijven toepas, maar meer op smaak en intuïtie dan dat ik bewust analyseer. Jij rafelt het uit elkaar en ik vind dat heel inspirerend. Schets je hier een onbetrouwbare verteller? Of is een verteller alleen onbetrouwbaar als hij weet dat zijn interpretatie niet klopt, en niet als je hem een reden geeft voor zijn onbetrouwbare waarneming / handeling (geblowd, wil kinderen sparen)? Mijn hersens kraken.
    Ik ga deze indeling zeker gebruiken bij het verhaal waar ik nu aan werk.
    Dankjewel!
    Sione

    1. Ton Rozeman

      Beste Sione, De meeste adviezen zitten niet in mijn hoofd voordat ik een verhaal ga schrijven. Ze laten zich af en toe horen tíjdens het schrijven, en sommigen laten zich in het schrijfproces nooit horen, die blijken in mijn kompas te zitten zonder dat ik me daar bewust van ben (maar door te schrijven voor dit blog kom ik ze wel op het spoor).
      Je vraag of het hier om een onbetrouwbare verteller gaat, intrigeert me. Ik vind het moeilijk om de begrippen verteller en onbetrouwbaar uit elkaar te halen. Mijn vertellers zijn meestal onbetrouwbaar, al is het soms maar een klein beetje. Slechte bedoelingen zijn daarvoor niet nodig. Mijn idee is dat we ook zonder kwade opzet gevangen zitten in onze eigen waarneming en interpretatie (en drijfveer en ego). Misschien is het woord ‘onbetrouwbaar’ daarvoor te sterk, dat zou kunnen. En ik moet toegeven, er bestaan natuurlijk alwetende vertellers, vertelinstanties, die te boek staan als objectief. Met die zogenaamde objectiviteit heb ik wel moeite. Want zelfs een camera is ergens op gericht, wat iets van een wil (subjectiviteit) vooronderstelt.
      Succes met je verhaal. Laat me weten wat deze (nu bewuste) invalshoek je daarin oplevert. Doen hoor.

  8. Ludieke

    Dat een goed verhaal meerdere lagen telt dat wist ik al. Het toepassen ervan is soms moeilijk. Je zet het nu gestructureerd op een rijtje, dat helpt hopelijk om me er meer bewust van te worden of ik het op de juiste manier gebruik. In het geval van iemand die in een roes verkeert of een stoornis heeft pas ik het wel toe. Ik probeer het ook in een verhaal dat gaat over ‘normale mensen’ te gebruiken maar dat gaat me minder makkelijk af, het lijkt minder vanzelfsprekend.
    Hoe voorkom ik dat het vaag of zweverig wordt? Als ik iemand iets laat lezen hoor ik regelmatig dat ze het de eerste keer niet begrepen en soms wordt dat als positief ervaren en soms niet. Dan zeggen ze dat het literair is of poëtisch en ik vraag me af of het slechts dat label krijgt omdat de lezer niet durft te zeggen dat het hem boven de pet gaat. Ik doel op het verschil tussen poëtisch taalgebruik en kitch maar dat is eigenlijk weer een ander onderwerp.

    1. Ton Rozeman

      Ludieke, Een roes of een stoornis maakt het de schrijver inderdaad makkelijk. Maar ik denk ook dat ‘normale’ mensen door een gekleurde bril kijken (in hun eigen beleving gevangen zitten), en dat je daarvan gebruik kunt maken. Dat zal een subtieler resultaat geven dan in het absurde voorbeeld van de brand. Een vrouw die al tien jaar graag kinderen wil, maar die het nog niet ‘gelukt’ is zwanger te worden, zou op een andere manier naar een kind kunnen kijken dan de moeder van dat kind (hoeft natuurlijk niet, maar voor een verhaal kan het interessant zijn). En van een andere manier van kijken, is het maar een kleine stap naar er anders over praten, anders handelen. Of misschien wel naar: er anders over praten (sociaal aangepast) dan erover denken (niet sociaal aangepast).
      Op je vraag hoe je voorkomt dat iets vaag wordt, weet ik niet 1-2-3 een antwoord. Wat vinden sommige lezers vaag aan je verhalen?
      Poëtisch taalgebruik, een onderwerp apart ja, dank voor je tip, ik zet die op mijn lijstje, al zal het even duren voor ik daarover post.

      1. Ludieke

        Dat is het punt: ze vinden het vaag en kunnen niet benoemen wat het is. Mogelijk komt dat omdat ze zich dan niet kunnen identificeren met de hoofdpersoon, die niet altijd sympathiek is. Dat is ook een leuk onderwerp: waarom moeten de personages een positief gevoel oproepen? Of is dat niet altijd nodig?
        Dankjewel voor je toelichting, dat maakt het nog duidelijker. Ik ga ermee aan de slag.

        1. Ton Rozeman

          Dank, ook het gevoel dat een personage oproept, zet ik op mijn ideeënlijst. Zelf let ik erop dat hoofdpersonages vooral meerdere kanten hebben: hebbelijke en onhebbelijke, dat je sympathie en antipathie voor ze voelt. Ik hoop daarmee mijn lezers een even verwarrende als smakelijke cocktail voor te zetten.

  9. kate s. kuipers

    Ja zeker, dank. Het is voor mij een interessante analyse voor de prentenboekverhalen, die ik schrijf, en die met weinig woorden (veel wordt verteld in de illu’s) veel moeten vertellen. Dan komen die verhaallagen, het creatief gebruik ervan, goed van pas.

  10. kate s. kuipers

    beste Ton Rozeman,
    Ten eerste: geweldig goed blog!
    Ten tweede: over de verhaallagen. Je noemt een aantal verhaallagen. Dat stuk begrijp ik. Dan schrap je in je voorbeeld “gelijke” verhaallagen. Dat stuk begrijp ik niet. Wat is het verschil tussen de verhaallagen in je lijstje en “gelijke” verhaallagen?

    1. Ton Rozeman

      Beste Kate, Inderdaad verwarrend. Met gelijke verhaallagen bedoel ik verschillende verhaallagen die hetzelfde aan de lezer meedelen. Als willekeurig voorbeeld: verhaallaag 1 en 2, die hebben een verschillende titel (namelijk werkelijkheid en waarneming), maar in het besproken voorbeeld dezelfde boodschap: ze vertellen allebei de lezer dat er een brand is. Je zou dus best een van de twee kunnen schrappen.
      Maakt dit het iets duidelijker?

Reacties plaatsen niet mogelijk.