Hoe je verhaal te begrenzen

Niet alleen bij het fotograferen is een kader belangrijk. Ook bij het schrijven van een verhaal kun je niet zonder begrenzing. Een kenmerk van een kort verhaal is dat het veel weglaat, dat er veel buiten de vertelling wordt gelaten. We krijgen niet het complete leven van de hoofdpersoon te zien, maar een uitsnede eruit.

Er zijn meerdere manier om zo’n uitsnede te maken. Met andere woorden: er zijn meerdere manier om het te kadreren.

  • Tijd. Een advies dat ik mijn studenten soms geef is: begin het verhaal om vijf voor twaalf, en stop het verhaal om een voor twaalf. Ik bedoel daarmee dat je begint als de spanning zich al aan het opbouwen is en dat je stopt op het hoogtepunt van de spanning, als er nog iets te gebeuren staat. Als je mijn advies letterlijk zou opvolgen, dan valt alles wat gebeurt vóór vijf voor twaalf en alles ná een voor twaalf buiten het kader. Daar heb je het dan niet over. Niet in flashbacks en niet in vooruitwijzingen. Al kun je best ergens op zinspelen, zonder het te tonen of te benoemen.
  • Perspectief. Ook het perspectief begrenst het verhaal. Als we opgesloten zitten in de belevingswereld van een personage, dan kunnen we alleen waarnemen wat hij waarneemt. En wat hij waarneemt is vaak veel minder dan er waargenomen kán worden. Hij wordt beperkt door zijn fysieke mogelijkheden (een kind ziet door zijn lengte andere dingen dan een volwassene) en door zijn belevingswereld (een vrouw kijkt wellicht op een andere manier naar haar overspannen partner dan zijn collega doet die op zijn werk de taken overneemt)
  • Thematiek. Een derde afbakening van je verhaal komt door de thematiek. Dit kan het eerder genoemde perspectief overlappen. Het belangrijkste verschil is dat het perspectief rechtstreeks door het personage wordt gevormd, en de thematiek door de schrijver.

Al deze begrenzingen geven je houvast tijdens het schrijven. Ze beperken je, maar ik vind het zelf ook een aangename beperking. Als je eenmaal de grenzen weet, kun je daarbinnen veel vrijheid nemen.

Graag hoor ik van je of je vindt dat een verhaal ook op andere manieren een kader krijgt. En heb je bij het schrijven iets aan het denken binnen deze kaders?

7 gedachten over “Hoe je verhaal te begrenzen

  1. eva laiste

    Nog volop aan het worstelen met Fantastels, geen nieuws op dat front. 🙂

    Plotten, ja, daar zou je wel een apart hoofdstuk aan kunnen wijden… Zonder plot kan ik meestal niet beginnen. Maar als het verhaal zich ontvouwt, gaat mijn plot vaak een andere kant op. Als ik het dan ga sturen wordt het verhaal niet goed. Jij schrijft zelf meestal zonder plot? Gewoon vanuit een eerste zin, en dan zie je wel? Of heb je een beeld, een hoofdpersoon in je hoofd? Ben wel benieuwd.

    1. Ton Rozeman

      Meestal heb ik geen plot maar een beeld of een situatie in mijn hoofd. Ik laat dat groeien, kijk wat er gebeurt. Hopelijk zit er dan iets overtuigends bij waarmee ik verder kan. Soms klinkt het vals, onecht, gekunsteld, en dan kijk ik waar dat door komt en hoe ik dat uit de weg kan gaan (of wat daaronder zit). Voor mij gaat een verhaal meer richting poëzie (de kunst van het weglaten, van het suggereren, ritme), dan richting de roman.
      Soms merk ik bij studenten, en trouwens ook bij mezelf, dat we van alles verzinnen, maar dat we het niet vanuit het dna van het verhaal laten ontstaan, en dan moeten we daarnaar op zoek. Dus: terug naar de eerste pagina, of eerste pagina’s, die lezen en herlezen en echt tot je door laten dringen wat daar staat en wat het oproept.

      1. eva laiste

        Wat verwoord je dat mooi. Het roept eenzelfde gevoel op als ik ooit kreeg bij een lezing van Joost Zwagerman. Opeens gingen wij in de zaal beseffen dat korte verhalen schrijven zowel een kunst is als een ambacht. En veel meer dan ‘een vingeroefening voor een échte roman.’ Iets om van te houden.

  2. Schlimazlnik

    Wat is een kort verhaal? Het korte verhaal kenmerkt zich met name door een beperking van het aantal woorden. Of het nu een twitter-short is in 140 tekens of een kort verhaal van 12.000 woorden (dat is met maximum van Fantastels, en dat is bij mijn weten de wedstrijd waar een kort verhaal het meeste woorden mag hebben – in ieder geval binnen het genre van de verbeeldingsliteratuur).
    NB: er is een verschil tussen een kort verhaal als in “beperkt aantal woorden, ongeacht het genre” en het literaire genre “Kort verhaal”. Althans, dat wordt in Duitsland zo onderwezen. In Nederland wordt dat verschil op de middelbare school niet gemaakt. Op academisch niveau heb ik er ook niet over gehoord.

    Andere begrenzingen dan het aantal woorden hebben vooral te maken met het verhaal zelf. Of als de relatie met foto’s moet worden gelegd: ook een micro-opname foto kun je uitvergroten tot een oppervlak van 10 x 10 meter, of meer. Een foto die je in meer oppervlak vertelt, verandert niet van kader. Je kunt wel meer details zien – en zo is het met verhalen ook.
    De kaders die je noemt zijn makkelijk uit te werken tot een roman van verhaal-formaat. Zelfs een dinges-ologie in 13 delen van Robert Jordan kent een kader. Het is alleen enorm vergroot waardoor er minstens 12 delen van het boek worden gebruikt om de details te beschrijven.

    Dit wil niet zeggen dat een kort verhaal géén details mag hebben. Maar meer dan bij een roman moet je bij een kort verhaal zorgen dat ieder woord raak is: je hebt geen ruimte om een gekozen woord toe te lichten of uit te werken. Bijvoorbeeld: “een wit paard met donkere vlekken op de flanken” = “een schimmel”. Scheelt bijna 80%. Maar daar is een grote woordenschat voor nodig, en een fijne vijl. Het herschrijven van een kort verhaal is geen schrappen, maar polijsten. Het schrijven van (goede) korte verhalen is dan ook veel moeilijker dan het schrijven van een roman. Een goed kort verhaal schrijven kost minstens zoveel tijd als het schrijven van een roman.
    Daar komt bij dat in een kort verhaal alles in het kader (ja, daar is het kader weer) van de plot moet komen te staan. Wat niet bijdraagt aan wat je wilt vertellen, moet geschrapt worden. Hoe minder woorden de limiet kent, des te minder je om de rode draad heen kunt meanderen. In een kort verhaal wordt ieder woord uitvergroot en moet betekenis hebben. Als je drie keer hetzelfde woord gebruikt of drie keer dezelfde situatie, zou dat wel eens een leitmotiv kunnen zijn: de lezer is er attent op, dan moet de schrijver het ook zijn.

    Wat mij goed helpt bij het beperken van een verhaal is vooraf plotten: uit welke elementen bestaat het verhaal, en hoe lang mag ieder deel zijn? Bijvoorbeeld: introductie personages, 500 woorden. Uitwerking van het conflict, 1000 woorden. Beschrijving dilemma van de personages, 500 woorden. Actie naar aanleiding van het dilemma: 2000 woorden (waarvan 1000 voor een dwaalspoor). Afronding van het verhaal (climax of anti-climax): 500 woorden. En ja, dat is een techniek uit de filmwereld. In een scenario kom je ook dat soort aanwijzingen tegen (Half totaal met Jan en Piet. Locatie: Café. Shot 2,2 seconden. Tekst: Jan vraagt zich af of Piet het meent. Fade out). Een filmer, zeker een met een beperkt budget, kan het zich niet veroorloven om shots op te nemen die niet wezenlijk bijdragen aan het verhaal. En dan nog belandt er bij de edit veel op de vloer van de snijkamer.

    Een ander punt is een beperking van het aantal personages. Het scheelt beschrijvingen van de personages en in het afkaarten van hun gedachten, meningen, beslissingen enz. Er is daardoor ook minder interactie tussen de hoofdpersonen en de nevenpersonages en dat scheelt zeker een hoop overbodige ballast.

    Nog een eenvoudig kader, dat overigens al van de oude Grieken stamt: beperking van tijd en plaats. Als je je personages de halve wereld door laat trekken, ben je veel woorden kwijt aan de verplaatsing en aan de couleur locale (in het Griekse drama geldt dan: je hebt maar één decor nodig). Beperking in tijd wil zeggen dat je niet heden, verleden en toekomst pakt, die je dan allemaal zou moeten beschrijven (couleur temporale?), maar één ervan. Dat is dus geen beperking tot een aantal minuten, maar binnen een bepaalde tijdssfeer.

    Een beperking van het perspectief is niet zinnig. Bij een kort verhaal is het juist belangrijk om de lezer voldoende handvatten te geven om het verhaal naar zijn eigen perspectief te trekken, zodat hij de hiaten in het verhaal (de details) vanuit zijn eigen ervaring in kan vullen en het niet als een gemis ervaart. Door de lezer volledig op te sluiten in het perspectief van een van de personages word de schrijver juist gedwongen om zoveel mogelijk details te schrijven over hoe het personage alles ervaart, omdat de lezer, met het personage, blind is voor alles wat daarbuiten gebeurt en niet kan terugvallen op zijn eigen ervaringen. Dit leidt vaak tot navelstaren, waar de Nederlandse moderne literatuur nogal sterk is.
    Het is een leuke schrijfoefening, maar draagt niet bij tot het beperken van het aantal woorden. Tenzij je natuurlijk hetzelfde verhaal vanuit verschillende perspectieven wilt belichten, dan is het zinnig je te beperken (tenzij de plot er om vraagt).

    Op iedere regel zijn natuurlijk uitzonderingen. Een goed kort verhaal bestaat er in de meeste gevallen in om op een originele manier binnen de perken te blijven.

    1. Ton Rozeman

      Wow, je voegt een paar interessante beperkingen toe, Schlimazlnik. Dank! Een van de punten die je noemt is het vooraf ‘plotten’. Zelf doe ik dat meestal niet, maar ik kan het aan studenten wel aanraden het een paar keer te proberen om te zien of ze er iets aan hebben. Ben benieuwd naar de reacties van andere bezoekers: plotten jullie wel of niet vooraf?

  3. eva laiste

    Dit topic komt voor mij precies op het juiste moment. (Worsteling met een – te lang – verhaal voor de Fantastels wedstrijd) Het eerste punt, de Tijd, is voor mij nog wat vaag, mag ik dat zeggen? Het klinkt nu als ‘schrijf een verhaal over een tijdsperiode van vier minuten’ en daar word ik alleen maar gehaast van. 🙂

    Ik zie nog wel andere begrenzingen:
    – spreek met jezelf een max aantal woorden af (misschien wat ‘technisch’, maar mij helpt het!)
    – Beschrijf Het, ga niet Uitleggen (beetje overlap met perspectief, maar niet helemaal m.i.)
    En misschien nog wel meer, als ik er wat langer over nadenk.

    1. Ton Rozeman

      Eva, Fijn dat het precies op tijd voor je is. En dank voor je feedback. Aantal woorden kan inderdaad een bevrijdende beperking zijn, mijn ervaring is idd dat een verhaal daar bijna altijd beter van wordt. Laat je weten hoe je worsteling met je verhaal afloopt en hoe je het uiteindelijk begrenst? Voor ons ook leerzaam.

Reacties plaatsen niet mogelijk.